De spanningen rond de bouw van de Fehmarnbelttunnel tussen Denemarken en Duitsland lopen verder op. Opdrachtgever en bouwcombinatie wijzen elkaar openlijk aan als oorzaak van vertragingen en oplopende kosten. Zelfs diplomaten zijn inmiddels betrokken om het vastgelopen overleg weer op gang te brengen.
De problemen bij de aanleg van de Fehmarnbelttunnel hebben een nieuw niveau bereikt. Wat begon als technische en planningskwesties is uitgegroeid tot een conflict waarin het onderlinge vertrouwen tussen opdrachtgever en aannemerscombinatie vrijwel is verdwenen. De kwestie speelt inmiddels op het hoogste niveau binnen de Deense overheid en raakt ook diplomatieke verhoudingen.
Vertraging en claims
De achttien kilometer lange zinktunnel, die Duitsland en Denemarken met elkaar moet verbinden, kampt al langere tijd met forse vertragingen. Afgelopen zomer werd duidelijk dat de geplande oplevering in 2029 niet haalbaar is en dat de ingebruikname waarschijnlijk met ongeveer twee jaar wordt uitgesteld. Kort daarna werd bekend dat er een claim van bijna twee miljard euro boven het project hangt.
Ondertussen stapelen de tunnelelementen zich op bij de productielocatie in Rodbyhavn. Slechts een deel van de productielijnen is nog actief en draait bovendien op een lager tempo dan oorspronkelijk voorzien. De stagnatie onderstreept de ernst van de situatie op de bouwplaats.
Wederzijdse beschuldigingen
Opdrachtgever Sund & Baelt, verantwoordelijk voor de realisatie namens de Deense staat, legt de oorzaak van de problemen bij bouwcombinatie Femern Link Contractors. Volgens Sund & Baelt is het niet gelukt om tijdig de vereiste certificering te verkrijgen voor het speciaal ontwikkelde afzinkponton, wat de voortgang belemmert.
De aannemerscombinatie, met daarin onder meer BAM Infra, DEME en Max Bögl onder leiding van Vinci, wijst op haar beurt naar de opdrachtgever. Volgens FLC had de zinksleuf nooit in de huidige staat mogen worden geaccepteerd, omdat deze op meerdere plekken te diep zou zijn uitgebaggerd. Die werkzaamheden werden uitgevoerd door andere partijen, waaronder Boskalis en Van Oord.
Escalatie achter de schermen
Waar discussies eerder vooral binnenskamers werden gevoerd, worden verwijten nu steeds openlijker geuit. De ernst van het conflict blijkt ook uit de betrokkenheid van diplomatieke vertegenwoordigers. Uit vrijgegeven documenten blijkt dat Bliaut contact zocht met de Franse ambassade in Kopenhagen. Inmiddels zouden gesprekken hebben plaatsgevonden tussen diplomaten en hoge ambtenaren. Deskundigen op het gebied van internationaal recht spreken van een uitzonderlijke situatie, waarin technische en contractuele geschillen zijn uitgegroeid tot een politiek en diplomatiek dossier.
Recent gaf Sund & Baelt voor het eerst publiekelijk toe dat een opening voor 2031 realistischer is dan de eerder genoemde datum van 2029. Daarmee lijkt ook in de externe communicatie voorzichtig ruimte te ontstaan voor een herziening van het projectverhaal, terwijl achter de schermen wordt gezocht naar manieren om het vastgelopen vertrouwen te herstellen.













