De provincie Zeeland trekt de komende jaren miljoenen extra uit om bruggen, tunnels, dijken en sluizen versneld te onderhouden, renoveren en vervangen. Dat staat in de Voorjaarsnota 2026 die het college van Gedeputeerde Staten op 17 april presenteerde.
Veel bruggen, tunnels en sluizen in Zeeland raken – net als in de rest van Nederland – verouderd. Om deze uitdagingen het hoofd te bieden, verhoogt de provincie het jaarlijkse onderhoudsbudget van 24 miljoen euro met nog eens 2 tot 4 miljoen euro per jaar.
Westerscheldetunnel
Ook voor de Westerscheldetunnel is – om heel andere redenen – geld nodig. Om de eerder vastgestelde scheur en breuk te repareren, wordt de Oostbuis begin 2027 vier maanden afgesloten. Dit heeft grote gevolgen voor de bereikbaarheid van Zeeland; de provincie neemt maatregelen om de hinder zoveel mogelijk te voorkomen. “Bovenop de kosten die samenhangen met de reparatie (19,5 miljoen euro) rekenen wij op dit moment op in totaal 11 miljoen euro aan extra kosten. Een deel daarvan wordt gedekt door de NV Westerscheldetunnel en uit beschikbaar gestelde Rijksmiddelen. Wij stellen voor 6 miljoen op te nemen in de provinciale begroting”, aldus de provincie.
Zeelandbrug
Ook moet de Zeelandbrug – onderdeel van de Midden-Zeelandroute – vervangen worden; de brug bereikt eind 2040 het einde van zijn levensduur. De provincie Zeeland begint daarom nu al samen met de Rijksoverheid een variantenonderzoek naar een nieuwe Oosterschelde Oeververbinding. Hiervoor trekt de provincie in 2026 en 2027 in totaal 1,2 miljoen euro uit; de Rijksoverheid legt hetzelfde bedrag bij. Verdere uitgaven zijn te vinden in de Voorjaarsnota 2026.











