Prinsjesdag 2020 over infra: vervroegd investeren en klimaatzorg

Het kabinet heeft in de begroting 2021 maatregelen opgenomen om de continuïteit van de bouw- en infrasector te garanderen. Het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) stelde dit voorjaar dat de stikstof-, PFAS- en coronacrises de sector een zware slag heeft toegebracht. Bovendien ligt er een omvangrijke renovatie- en vernieuwingsagenda om de Nederlandse infrastructuur op orde te houden. De BV Nederland heeft zijn infrasector dus keihard nodig. En er moeten nog klimaatdoelen van Parijs gerealiseerd worden… Er werd, kortom, met meer-dan-normale spanning uitgekeken naar Prinsjesdag. 

We schetsen de hoofdlijnen van wat de miljoenennota behelst voor de infrasector:

Vervroegen
Geen verrassing, want de strategie ‘naar voren halen van investeringen in onder meer spoor, water, wegen en kustlijnbescherming’ is dit voorjaar al ingezet. We waren nog wel benieuwd naar de omvang van het bedrag dat de regering voor 2021 heeft begroot voor vervroegd investeren: het blijkt opgeteld om 1,9 miljard euro te gaan.
Van dit bedrag is ruim een half miljard beschikbaar om eerder dan gepland onderhoud uit te voeren aan de rijksinfrastructuur. Dit bedrag komt bovenop de extra 265 miljoen die zij eerder al heeft uitgetrokken voor het onderhoud van bruggen, tunnels en sluizen die in de decennia na de oorlog zijn gebouwd en toe zijn aan een opknapbeurt. Rijkswaterstaat heeft al met de bouwsector besproken welke werkzaamheden op korte termijn kunnen worden uitgevoerd; het gaat o.a. om groot onderhoud van de N18 en A50 in Oost-Nederland. Ook het baggeren van grote rivieren als de Nederrijn-Lek, Bovenrijn-Waal en de Twentekanalen vindt eerder plaats.  Rijkswaterstaat staat al in de startblokken. Infrabeheerders in de lagere overheden hebben nog geen gestructureerde planning voor vervroegde investeringen.

In OTAR #4-5 vindt u een interview met de voorzitter en de secretaris van de inmiddels beëindigde Taskforce Infra, Theo Winter en Tom van Eck.

Spoorsector
Binnen het versnellingsbudget in de spoorinfrastructuur goed bedeeld. Staatssecretaris van Veldhoven stelt de komende jaren ruim 1,4 miljard versneld beschikbaar voor onderhoud en vervanging van het spoor. Ongeveer de helft van het extra budget komt tussen 2021 en 2023 op de markt. ProRail pakt de komende jaren onder meer het spoor rond Schiphol, goederenrangeerterrein Kijfhoek en de havenspoorlijn van Rotterdam aan.

Voor de spoorsector wordt niet alleen de infrastructuur extra gesteund (als onderdeel van het totale hierboven genoemde bedrag aan vervroegde investeringen). Ook de vervoerders hebben een bijzondere plaats gekregen in de miljoenennota. Het treinreizigersvervoer is in het bijzonder geraakt door de coronacrisis: het railvervoer moest operationeel blijven tijdens de ‘intelligente lockdown’, terwijl de omzet van het reizigersvervoer bijna helemaal opdroogde. Er komt daarom volgend jaar extra steun voor het openbaar vervoer. Het kabinet trok dit jaar al 1,5 miljard euro uit voor compensatie van de teruggelopen inkomsten. Voor 2021 komt daar 740 miljoen euro bij, bedoeld voor de eerste helft van het jaar. Voorwaarde voor de steunverlening is dat de ov-bedrijven financieel gezond moeten zijn of worden.

Waterveiligheid en klimaatadaptatie
Het Ministerie van IenW investeert de komende jaren 200 miljoen extra in de aanpak van droogte en klimaatadaptatie. Met dit geld wil het rijk samen met waterschappen, provincies en gemeenten onder andere de belangrijkste problemen met watertekorten maar ook wateroverlast aanpakken. Het kabinet presenteert op Prinsjesdag eveneens het Deltaprogramma 2021. Hierin staan tal van maatregelen op het gebied van waterveiligheid, zoetwaterbeschikbaarheid en ruimtelijke adaptatie.

Milieumaatregelen
Er wordt voor een langere periode, tot 2030, in totaal 5 miljard euro uitgetrokken voor maatregelen om de stikstofneerslag terug te brengen. Voor CO2-reductie wordt een heffing ingesteld, te beginnen in 2021. De CO2-heffing moet ervoor zorgen dat de industrie de doelen van het Klimaatakkoord realiseert. Vanwege de coronacrisis heeft het kabinet besloten tot een vertraagde invoering, via een systeem van z.g. ‘dispensatierechten’. De industrie krijgt de tijd om investeringen te doen waarmee ze de CO2-uitstoot kan verminderen. Daarom wordt in 2021 een relatief grote hoeveelheid dispensatierechten toegekend; richting 2030 wordt dat afgebouwd.

Algemene economische ontwikkeling
Hij werd twee weken geleden al gepresenteerd, maar is wel deel van de Miljoenennota: het Nationaal Groeifonds, in de volksmond het ‘WopkeWiebesfonds’. Het plan is daar jaarlijks vier miljard euro in te steken voor de komende vijf jaar. Het ‘WopkeWiebesfonds’ is bestemd voor investeringen in ontwikkelingen die bijdragen aan groei en aan het halen van de klimaatdoelen van Parijs.

Het kabinet verwacht overigens voor 2021 alsnog een economische groei van 3,5 procent, terwijl 2020 naar verwachting een krimp van ongeveer 5% zal laten zien. De verwachtingen ten aanzien van werkloosheid zijn een stijging tot zo’n 6 procent. Daar moet bij aangetekend worden dat ‘voorspellen in de coronacrisis’ nog lastiger is dan anders.