De waterschappen hebben vanaf 1 april een nieuwe gedragscode voor bestendig beheer en onderhoud. Met de regels en handvatten van de gedragscode hoeven ze niet voor al hun beheer- en onderhoudswerkzaamheden omgevingsvergunningen aan te vragen bij de provincies.
In de nieuwe gedragscode zijn onder meer regels opgenomen om rekening te houden met beschermde dieren en planten bij het uitvoeren van werkzaamheden. De gedragscode maakt het eenvoudiger voor de waterschappen om op een zorgvuldige manier om te gaan met flora en fauna.
Reikwijdte gedragscode
De gedragscode is van toepassing op een breed scala van werkzaamheden die de waterschappen uitvoeren, zoals het maaien van oevers en keringen, schonen en baggeren van watergangen, onderhoud aan stuwen en gemalen, en wegen.
Doordat de gedragscode de werkwijze bij dat beheer en onderhoud al inkadert, hoeven de waterschappen niet iedere keer omgevingsvergunningen aan te vragen bij de provincies voor hun werkzaamheden.
Veranderingen in werkwijze
Door de komst van de Omgevingswet en de striktere regelgeving veranderen er zaken in de werkwijze bij beheer en onderhoud. Zo is het gebruik van de klepelmaaier nog maar in een aantal gevallen toegestaan. Dat ligt vast in de gedragscode. Die beschrijft ook extra maatregelen die vereist zijn om verstoring te voorkomen van beschermde soorten flora en fauna.
Zo mag de klepelmaaier nog slechts in een aantal uitzonderingssituaties gebruikt worden. Deze maaier hakt vegetatie in kleine stukjes en zuigt die op. Om onder meer insecten beter te beschermen gaan de waterschappen deze maaimachine minder gebruiken. Alleen als de veiligheid van medewerkers in het geding komt zonder deze maaimachine – denk aan het maaien van steile taluds – blijft klepelen nog mogelijk.
De waterschappen hebben de habitatbenadering in hun ecologisch beheer aangescherpt in de nieuwe gedragscode. Zo sparen zij in de winter vegetatie. Dit is onder andere gunstig voor kleine marterachtigen en overwinterende vogels. Verder regelt de gedragscode dat de oever die met de meeste begroeiing het broedseizoen ingaat, en dus de meeste broedvogels trekt, pas na het broedseizoen wordt gemaaid.











