zwijn
De schade aan de grasmat op de IJsseldijk bij Zwolle is aanzienlijk: het ‘wroetspoor’ spreidt zich uit over een strook van een paar honderd meter (foto: WDODelta).

Een wild zwijn, dat vermoedelijk de IJssel is overgezwommen, heeft in de nacht van 1 op 2 december een groot deel van de grasbekleding op de IJsseldijk bij Zwolle omgeploegd. Waterschap Drents Overijsselse Delta is direct begonnen met de reparatie. Het waterschap puzzelt nog op de vraag hoe dit in te toekomst kan worden voorkomen.

“Het vermoeden is dat het zwijn via een ecologische verbindingszone van de Veluwe komt”, zegt woordvoerder Herald van Gerner van WDODelta. “Wilde zwijnen zijn aardig goede zwemmers, het kan goed zijn dat het dier uiteindelijk de IJssel is overgezwommen. Er is dit jaar minder voedsel voor ze te vinden, zoals beukennootjes en eikels. Dan willen ze wel eens een risico nemen, zoals een rivier oversteken.”

Enkele honderden meters

Eenmaal aan de overkant van de IJssel aangekomen, heeft deze avonturier flink huisgehouden. “We hebben flinke schade door het wroeten in de grasmat van de dijk”, vertelt Van Gerner. “Daar zoekt het zwijn voedsel, zoals wormen, naaktslakken en torretjes. Het ‘wroetspoor’ spreidt zich nu uit over een strook van een paar honderd meter.”

Nieuwe speler…

Voor het waterschap is dit ‘zwijnenvandalisme’ nog een onontgonnen terrein. Van Gerner: “Het is de eerste keer dat we te maken hebben met een zwijn. Naast schades aan een dijk door dieren zoals muskusratten, bevers, vossen, hazen en honden, is dit IJsselzwijn voor ons een nieuwe speler in het veld.”

…nieuwe schade

“Zowel het zwijn als de schade is voor ons nieuw,” vervolgt hij, “dus is het voor ons ook zoeken hoe hier mee om te gaan. We hebben de plaggen teruggelegd en ouderwets aangestampt, in de hoop dat het gras weer aanslaat. Op de plekken waar dit niet gebeurt, zullen we extra grond aanbrengen en de grasmat ‘doorzaaien’.” De grasbekleding van de IJsseldijk is een belangrijk element van de waterkerende functie van het dijklichaam: deze ‘beschermingsdeken’ helpt om het water tegen te houden. Het waterschap test regelmatig de sterkte van de grasbekleding op de dijken.

Natuur versus waterveiligheid

Kan dit in de toekomst voorkomen worden en wat is daarvoor nodig? “Dat is ook de vraag die wij ons stellen”, zegt Van Gerner. “Een antwoord daarop hebben we nog niet. Als waterschap zijn wij natuurlijk ook bezig met de natuur, natuurontwikkeling en biodiversiteit. Dat verweven we steeds meer in ons werk. Aan de andere kant zien we dat het ook een keerzijde kan hebben. Zoals nu. In feite heb je dan een situatie van natuur versus waterveiligheid. Dat is nu met het zwijn, maar gebeurt ook wel eens met een bever bijvoorbeeld. Dieren zijn van harte welkom in het rivierengebied, maar we hebben liever wel dat ze bij de dijken wegblijven.”

‘Paniekerig’

Volgens onderzoeksjournalist Wim Eikelboom, die in de buurt woont, reageerde het waterschap daarmee veel te ‘paniekerig’: “Daardoor kwamen ambtenaren op het provinciehuis ook meteen in actie en is de kans groot dat Maarten (zo heeft Eikelboom het zwijn inmiddels gedoopt, red.) een dezer dagen het loodje legt. Heel wonderlijk als je weet dat het waterschap als missie heeft om meer samen te werken met de natuur.” Op zijn website ‘Rivierverhalen’ heeft hij een column hierover geschreven.