Luchtverkeersleiding voor drones getest in Delft

Het aantal drones in het luchtruim groeit snel, ook in het domein van infrabeheer. Het is dan ook van belang om drones op een goede manier te kunnen aanmelden, herkennen en volgen. Daarom testten Europese partners op dinsdag 2 juli op de campus van de TU Delft een nieuw systeem om het vliegverkeer van drones op een veilige manier deel te laten uitmaken van het totale luchtverkeer.

“Dat het aantal drones snel groeit, zal niemand ontgaan”, zegt Bart Remes, drone-onderzoeker van het Micro Aerial Vehicle Lab (MAVLab) van de TU Delft. “Door de snelle technologische ontwikkelingen veranderen drones echter ook. Zo kunnen drones niet alleen steeds meer, maar worden ze ook steeds autonomer, iets waar we aan de universiteit veel onderzoek naar doen. De regelgeving liep achter op deze snelle ontwikkelingen, maar met de nieuwe Europese dronewetgeving die in juni is gepubliceerd, komt daar verandering in.”

Veilige integratie
“Veel van de bestaande regels en systemen uit de conventionele luchtvaart zijn helaas moeilijk toe te passen op drones”, zegt Christiaan Lubbers van Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL). “Door de groei van het aantal drones kan de luchtverkeersleider straks de drones niet stuk voor stuk begeleiden. Er is dus behoefte aan nieuwe technieken en afspraken over hoe drones veilig kunnen worden geïntegreerd in het luchtruim, en hoe bijvoorbeeld een traumaheli of politiehelikopter veilig voorrang kan krijgen.”

U-Space
“Daarom werkt Europa aan ‘U-Space’, een systeem dat alle drones in het luchtruim verbindt en zichtbaar maakt voor autoriteiten en burgers”, aldus Henk Hesselink van het Koninklijk Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR).  “Binnen een van de projecten om U-Space mogelijk te maken, VUTURA, leggen we verbindingen tussen bestaande systemen die drones registreren en identificeren, en kijken we hoe informatie over dronevluchten gedeeld kan worden met de luchtverkeersleiding voor het bemande luchtverkeer. In 2019 worden deze diensten en procedures in de praktijk getest; onlangs bijvoorbeeld op de campus van de TU Delft.”

De demo
Tijdens de demovlucht is een uitdagend scenario’s getest: een dronevlucht maken boven dichtbevolkt gebied, en buiten het zicht van de piloot, ofwel Beyond Visual Line of Sight. De drone was een zogenoemde prioriteitsdrone, in dit geval een AED drone. In het gebied van de vlucht steeg een andere drone op, die de AED drone autonoom en op een veilige manier voorrang moest geven.
De drone vloog tijdens de demo ook in een zogenoemde Control Zone: dat is het streng gereguleerde gebied rondom een luchthaven, in dit geval Rotterdam The Hague Airport. Via U-Space had de drone voortdurend contact met de toren.

Wetenschappelijke vernieuwing

Voor deze onbemande vlucht hebben de onderzoekers van de TU Delft technologie ontwikkeld die gebruik maakt van U-Space en waarmee de drone geheel autonoom het overige luchtverkeer in zijn omgeving registreert, en zijn eigen vliegroute daar voortdurend op aanpast.

> Meer info is te vinden op de VUTURA-site